|
Mieren
presteren veel.Over mieren wordt het volgende
gezegd:
"Opmerkelijk is niet alleen dat ze instinctief
voor de toekomst zorgen, maar ook hun volharding
en vastbeslotenheid zijn opmerkingswaardig. Het
komt dikwijls voor dat mieren iets dragen of krampachtig
meeslepen dat minstens tweemaal of zelfs viermaal
zo zwaar is als zijzelf en daarbij doen ze al
het mogelijke om hun specifieke taak te vervullen
en weigeren ze terug te keren, ook al kan het
zijn dat ze van een steile helling afvallen, afglijden
of rollen." |
|
|
|
|
|
|
Bladdragende
mieren werken met een enorme teamgeest. De mieren
snellen in twee kolonnes voort, de ene kolonne
gaat naar en de andere komt van een bosje of boom
die misschien meer dan anderhalve kilometer van
hun nest verwijderd is. De terugkerende mieren
dragen bladstukken.
Elke mier knipt zijn eigen blad, met op een schaar
lijkende kaken, met een ruk los. Maar soms komt
het voor dat één mier het knipwerk
doet en de andere mieren op de grond de stukken
oppikken en wegdragen. Als een knipper vermoeid
raakt, wordt hij afgelost door een andere mier
van beneden, waarna hij afdaalt om zich bij het
transportgroep te voegen.
|
|
|
|
|
|
|
Bioloog
A. H. Verrill heeft het volgende opgemerkt bij
sommige mieren:
Sommige mieren kunnen wel lasten dragen die wel
viermaal zo zwaar zijn als zijzelf, en dat over
een afstand van een anderhalve kilometer of meer.
Om dat in mensenmaat uit te drukken geven wij
het volgende voorbeel:
Dit komt overeen met een man die in één
dag van Brussel naar Moskou en weer terug zou
lopen, met telkens een zware last van zo'n 200
tot 300 kilogram op de schouders, en dit dag in
dag uit, week in week uit.
|
|
|
|
|
|
"Wetenschappers
hebben ontdekt dat sommige mieren schimmels verbouwen
om hun jongen te voeden, en ter bescherming van
hun gewassen zelfs antibiotica gebruiken als een
soort pesticide", zegt de Internationale
editie van The Miami Herald. "Deze mieren,
bladsnijdersmieren genoemd, verplanten en snoeien
hun gewassen en ontdoen ze van onkruid, net als
een boer dat doet. Het antibioticum, dat de gewassen
van de mieren beschermt tegen besmetting door
andere schimmels, wordt geproduceerd door een
bacterie die op de huid van de mier leeft."
Ted Schultz, een insectendeskundige merkt op:
"Mensen moeten voortdurend nieuwe antibiotica
uitvinden om resistentie te voorkomen. Moesten
wij het geheim van de antibiotica van de mieren
kennen, zou dat van direct belang zijn voor de
overleving van de mens."
|
|
|
|
|
|
De
parasolmieren verbazen biologen met hun geavanceerde
tuintechnieken. Om in voedsel te voorzien, snijden
deze nietige insekten stukjes uit bladeren, verzamelen
afval van de bosgrond en nemen dat allemaal mee
naar hun ondergrondse nest. Vervolgens kauwen
de mieren deze stukjes fijn tot een brij om er
hun schimmeltuin mee te bemesten. Ze weten precies
de temperatuur en de vochtigheid voor hun gewas
op peil te houden om de beste resultaten te boeken.
Voor het aanleggen van nieuwe tuintjes brengen
ze stekken van goed aangeslagen cultures over
naar nieuwe bladbedden. Ze bezitten zelfs de kunst
van het snoeien om een maximale groei van de schimmel
te bekomen. En, deze bekwame hoveniers stemmen
hun inspanningen af op de voedselbehoeften van
hun nest om zo tijd en energie te besparen.
|
|
|
|
|
|
Mieren
zijn vasthoudend en vastberaden. Hebt u wel eens
geprobeerd een mier met je voet of een ander obstakel
de weg te versperren?
Die mier gaat niet terug, maar zal eerst langs
de ene kant, dan langs de andere kant proberen,
of zal over het obstakel heen willen klimmen,
ook al moet ze daar meerdere pogingen voor ondernemen.De
mier geeft het niet gemakkelijk op en gaat tot
het uiterste.
Een echte tuinier geeft het ook niet gemakkelijk
op, zelfs als het even moeilijk gaat.
|
|
|
|
|
|
Het
werk van de mieren is niet ten einde met de zorg
voor het voedsel. Ze hebben ook tot taak de jongen
te verzorgen. Eitjes moeten dicht bijeen komen
te liggen. De larven moeten gevoed worden. Poppen
moet verzorgd worden. Sommige mieren zorgen zelfs
voor airconditioning. Als het overdag warm wordt,
dragen ze de poppen naar dieper gelegen gedeelten
van het nest, en omgekeerd.
Als de kolonie groeit, moeten er nieuwe kamers
worden gebouwd. De werkmieren gebruiken hun kaken
om te graven en de aarde naar buiten te dragen.
Gewoonlijk doen zij dat na een regenbui, als de
bodem zacht is.
Hun onderlinge samenwerking is opvallend, ze houden
het nest heel schoon en zijn bezorgd om hun medewerkers.
Raakt een mier gewond of uitgeput, dan schieten
andere mieren te hulp om haar naar het nest terug
te brengen.
|
|
|
|
|
|
Bladluizen
zijn het vee van de mieren. Er zit veel suiker
in plantensap, en bladluizen zuigen het sap of
die suikers uit het blad. Wat ze teveel aan suikers
hebben, profiteren de mieren van. Zij melken de
mieren want zij zijn dol op die suikers of honingdauw.
De mieren trommelen op het achterlijf van de bladluis
met hun voelsprietjes. Het teveel aan suiker komt
dan uit de anus van de bladluis die de mier gretig
opdrinkt, en zo gaat ze van bladluis naar bladluis.
De honingdauw is echter niet voor de werkster
zelf. Ze gaat terug naar het nest en voedt ook
de larven en de koningin.
Sommige mieren blijven bij de bladluizen om ze
te bewaken. Zelfs pakken ze de bladluizen op als
het winter wordt. Ze worden in het nest als het
ware op stal gezet.
Sommige mieren leven alleen van de suiker van
bladluizen, vb. de weidemieren.
In één zomer kan een kolonie mieren
één liter honingdauw hebben gehaald.
|
|
|
|
|
|
Een
wijze spreuken schrijver schreef het volgende
over de mier ;
‘Ga naar de mier, gij luiaard; zie haar
wegen en word wijs. Ofschoon ze geen aanvoerder,
beamte of heerser heeft, bereidt ze in de zomer
haar voedsel; ze heeft in de oogst haar voedselvoorraden
verzameld.’
Elke kolonie bestaat uit drie kasten; de koningin
of koninginnen, de mannetjes en de werksters.
De koningin is niet de aanvoerder, want ze hebben
er geen. De koningin haar taak is voornamelijk
het leggen van eitjes, en dit kan wel vijftien
jaar worden. De mannetjes leven juist lang genoeg
om te paren en dan te sterven. De werksters kunnen
ongeveer zes jaar worden en verrichten diverse
taken, alles wat de huishouding aangaat, voedsel,
reiniging, verzorging en zelfs verdeding van het
nest tegen indringers. Toch gebeurt dit alles
zonder regeerder.
|
|
|
|
|
|
|